Hardell: mobiel bellen en hersentumoren aan de belzijde

Kennisbericht over een publicatie in een wetenschappelijk tijdschrift:
Hardell L, Carlberg M, Söderqvist F, Hansson Mild K, Meta-analysis of long-term mobile phone use and the association with brain tumours, International Journal of Oncology 2008; 32: 1097-1103. Mede gebaseerd op Hardell L, Carlberg M, Söderqvist F, Hansson Mild K, and Morgan LL. Long-term use of cellular phones and brain tumours - increased risk associated with use for > 10 years, Occupational and Environmental Medicine 2007; 64:626-632.

Samenvatting van de oorspronkelijke publicatie

Hardell heeft onderzocht of er een samenhang is tussen het voorkomen van hersentumoren en het sinds langere tijd gebruik maken van een mobiele telefoon. Hij heeft de resultaten van verschillende onderzoeken samengevoegd en opnieuw geanalyseerd. Dit noemen we een meta-analyse. De eerste publicatie over deze analyse is uit 2007. In de publicatie van 2008 heeft Hardell enkele tekortkomingen uit de publicatie van 2007 rechtgezet.
De auteurs beschrijven kort de gegevens uit de onderzoeken die zij gebruiken en bekijken die daarna gecombineerd. Ze komen tot de conclusie dat twee van de drie onderzochte soorten hersentumoren (glioma en acoustic neuroma) relatief vaker aan de belzijde van het hoofd voorkomen. De belzijde is de zijde van het hoofd waar de mobiele telefoon naar eigen zeggen bij voorkeur is gehouden tijdens het bellen in het verleden. In het verleden betekent binnen dit onderzoek dat men tien jaar of langer geleden is begonnen met het gebruik van de mobiele telefoon.

1. Oordeel van het Kennisplatform over de publicatie

Het Kennisplatform vindt het belangrijk om te kijken naar mensen die lang geleden zijn gestart met het gebruik van een mobiele telefoon. Het Kennisplatform vindt dat Hardell alle beschikbare relevante wetenschappelijke publicaties heeft gebruikt. Het onderzoek is bovendien duidelijk genoeg beschreven.

Het Kennisplatform is echter van mening dat de onderliggende onderzoeken ernstige tekortkomingen hebben. Hierdoor is een betekenisvolle interpretatie van de meta-analyse onmogelijk. Het gaat met name om de keuzes bij het indelen naar belzijde van de patiënt- en controlegroepen.

Het Kennisplatform ziet in het onderzoek geen aanwijzing dat bepaalde hersentumoren vaker voorkomen aan de belzijde van het hoofd.

2. Maatschappelijke context

Als het gaat om de mogelijke gezondheidseffecten van elektromagnetische velden spitst de discussie in de maatschappij zich regelmatig toe op de effecten op lange termijn. Vooral de vraag of de velden van mobiele telefoons kanker kunnen veroorzaken komt veel naar voren. Publicaties hierover krijgen steevast aandacht in de media en er worden tijdens voorlichtingsbijeenkomsten in het land vragen over gesteld. Ook aan de meta-analyse van Hardell uit 2007 is via pers en internet aandacht besteed. De studie wordt wel als bewijs aangehaald voor het bestaan van een oorzakelijk verband tussen hersentumoren en mobiele telefoons.

3. Nationale relevantie en context

De onderzochte situatie is ook van belang voor Nederland. In Nederland zijn voor algemeen gebruik drie systemen voor mobiele telefonie beschikbaar: GSM (frequenties: 900 MHz en 1800 MHz) en UMTS (frequentie 2100 MHz). Naast de mobiele telefoon is er in Nederland de DECT telefoon (draadloze huistelefoon en frequentie 1900 MHz). De Europese landen waarvan de resultaten in de meta-analyse zijn gebruikt, hebben vergelijkbare systemen. GSM en NMT (frequentie 900 MHz) en DECT zijn in Nederland meer dan tien jaar in gebruik (geweest).

4. Kritische beschouwing van de publicatie

Beschrijving van de onderzoeksopzet

Hardell beschrijft een analyse van gecombineerde resultaten uit eerder gepubliceerd wetenschappelijk onderzoek. Daarin wordt gekeken naar een mogelijke samenhang tussen hersentumoren en het sinds lange tijd mobiel bellen. Dit wordt een meta-analyse genoemd (zie kader).
Hardell heeft gekeken naar drie soorten hersentumoren: glioma, acoustic neuroma en meningioma. Hij heeft onderzoeken over dit onderwerp geselecteerd.  Hij heeft vervolgens alleen die onderzoeken gebruikt, waarbij mensen aangaven dat zij tien jaar of langer geleden voor het eerst mobiel zijn gaan bellen.

De gebruikte publicaties waren afkomstig van twee groepen onderzoeken:
• het internationale Interphone-onderzoek waaraan dertien landen van binnen en buiten Europa deelnemen en,
• onderzoeken van Hardells eigen onderzoeksgroep in Zweden.
De Interphone-onderzoeken die in de meta-analyse zijn gebruikt, vonden allen plaats in Europa, te weten Zweden, Finland, Noorwegen, Denemarken, Groot-Brittannië en Duitsland.

De gebruikte onderliggende publicaties beschrijven zogenaamde patiënt-controle-onderzoeken (case control studies). Daarin zijn groepen patiënten onderzocht bij wie één van de genoemde soorten hersentumoren voor het eerst is vastgesteld. De patiënten zijn vergeleken met mensen zonder tumor (controlegroepen). De controlegroepen zouden, met uitzondering van de aanwezigheid van een hersentumor, zoveel mogelijk moeten lijken op de patiëntgroepen. Om te zien of de tumoren vaker voorkomen bij mensen die een mobiele telefoon gebruiken zijn alle deelnemers (patiënten en controlegroepen) naar hun mobiele telefoongebruik in het verleden gevraagd.

De meeste nadruk legt Hardell op analyses waarin onderzocht is of tumoren vaker voorkomen aan de belzijde van het hoofd. Daarbij is gekeken aan welke kant van het hoofd de tumoren voorkwamen. De tumoren zijn op basis van vragenlijsten en interviews ingedeeld in “tumoren aan belzijde” en “tumoren aan niet-belzijde”. De belzijde is de zijde van het hoofd waar de mobiele telefoon naar eigen zeggen bij voorkeur is gehouden tijdens het bellen in het verleden.

Om de patiënten te kunnen vergelijken met de controlegroep zonder tumoren, zijn de mensen in de controlegroep kunstmatig ingedeeld in belzijde en niet belzijde.

Kritische beschouwing van de onderzoeksopzet

De onderzochte soorten hersentumoren groeien gewoonlijk langzaam en worden pas na jaren vastgesteld. Het Kennisplatform vindt het belangrijk om te kijken naar de groep mensen die lange tijd geleden met mobiele telefoongebruik is gestart.
Hardell heeft voor deze meta-analyse alle relevante wetenschappelijke publicaties gebruikt die destijds beschikbaar waren. Er is ook duidelijk beschreven waarom sommige publicaties niet konden worden gebruikt.

Een meta-analyse maakt bij voorkeur gebruik van op dezelfde wijze uitgevoerde onderzoeken. In de praktijk is dit echter niet altijd mogelijk. Ook in de analyse van Hardell zijn er verschillen, bijvoorbeeld in de wijze van verzamelen van gegevens (persoonlijk interview ofwel thuisgestuurde schriftelijke vragenlijst) en in het wel of niet meenemen van gegevens over patiënten die tussen de diagnose en het onderzoek zijn overleden. Deze verschillend vormen echter geen probleem voor het kunnen uitvoeren van de meta-analyse.

Belzijde en niet-belzijde
Het Kennisplatform ziet daarentegen wel belangrijke problemen in de analyse van het voorkomen van tumoren aan de belzijde. Patiëntengroepen worden vergeleken met controlegroepen zonder tumoren. Hiervoor zijn de controlegroepen in de onderliggende onderzoeken met behulp van kunstgrepen ingedeeld in belzijde en niet belzijde. Immers, de mensen in de controlegroepen hebben geen tumoren, waardoor deze niet ingedeeld kunnen worden naar de aanwezigheid van een tumor aan de belzijde.
Om toch patiëntcontrole-onderzoek mogelijk te maken zijn de controlegroepen kunstmatig ingedeeld in belzijde en niet-belzijde. Soms zonder duidelijke en goede onderbouwing.
De invloed hiervan op de uitkomsten van het onderzoek kunnen erg groot zijn. Hierdoor is onmogelijk meer vast te stellen of de gevonden resultaten het gevolg zijn van alleen het
telefoon gebruik, of veroorzaakt worden door de indeling van de controlegroep.
Hierdoor is ook een betekenisvolle interpretatie van de meta-analyse onmogelijk.

Over de wijze van indelen van controlegroepen bestaat veel discussie in de wetenschappelijke literatuur.

Daarnaast ziet het Kennisplatform dat er verschillen zijn in de afbakening van de onderzochte groepen. Zo zijn mensen die een DECT telefoon hebben gebruikt in een aantal onderzoeken wel meegenomen terwijl deze bij andere onderzoeken werden uitgesloten in de analyses. Aangezien DECT telefoons elektromagnetische velden gebruiken die redelijk vergelijkbaar zijn met de velden die door bijvoorbeeld GSM en UMTS telefoons worden gebruikt, zou het zorgvuldiger zijn indien onderzoeken daarmee rekening houden.

Herinnering
Naast de problemen met de indeling van belzijde is een bekend aanvullend probleem dat mensen zich situaties in het verleden niet altijd goed herinneren. Dit noemen we herinneringsbias. Deze afwijking tussen de herinnering en de feitelijke situatie komt vaker voor naarmate meer tijd is verstreken. Ook ingrijpende gebeurtenissen, zoals het constateren van een hersentumor, kunnen bijdragen aan verkeerde herinneringen.
De onderzoeken gaan over een periode van tien of meer jaar geleden. Hierdoor kan deze afwijking een rol van belang spelen, bijvoorbeeld doordat patiënten onbewust onterecht aangeven dat de belzijde overeenkomt met de zijde waar de tumor is vastgesteld. Dit leidt dan tot vertekening van de resultaten.

Het Kennisplatform merkt verder op dat de auteurs zich uitsluitend richten op de nu nog kleine groep patiënten en controles die tien jaar of langer geleden voor het eerst een mobiele telefoon gebruikte. De zeggingskracht van de resultaten is daardoor beperkt. De grens van tien jaar is betrekkelijk willekeurig gekozen.

Beschrijving van de analyse

Voor de meta-analyse zijn verschillende onderzoeken gebruikt. Daarin zijn groepen patiënten en hun gebruik van de mobiele telefoon vergeleken met controlegroepen. Zowel de patiënten als de controlegroepen zijn ingedeeld naar hun (eerste) mobiele telefoongebruik: tien jaar of langer geleden; vijf tot tien jaar geleden; korter dan vijf jaar geleden en; geen of zelden. In de meta-analyse van Hardell zijn uitsluitend de twee uiterste groepen vergeleken: “eerste mobiele telefoongebruik tien jaar of langer geleden” ten opzichte van “geen of zelden mobiele telefoongebruik”. De berekeningen zijn voor elk van de drie soorten hersentumoren afzonderlijk verricht.

Kritische beschouwing van de analyse

Via de meta-analyses heeft Hardell de vraag geprobeerd te beantwoorden of hersentumoren vaker aan de belzijde van het hoofd voorkomen. Het Kennisplatform stelt vast dat deze vraag op basis van de beschikbare onderzoeken en de resultaten van de meta-analyse niet goed te beantwoorden is.

De onderliggende gegevens in de meta-analyse lijken aanwijzingen te geven dat bij mensen die in het verleden mobiele telefoons zijn gaan gebruiken, tumoren in het algemeen (dus ongeacht de belzijde) net zo vaak voorkomen als bij mensen die niet of zelden mobiel belden. In de publicatie van Hardell uit 2008 zijn deze gegevens wel opgenomen, maar wordt dit door de auteurs niet nader besproken.

Beschrijving van de conclusie

Hardell komt tot de conclusie dat de meta-analyse in 2008 een consistent patroon laat zien voor het vaker voorkomen van twee van de drie onderzochte soorten tumoren (glioma en acoustic neuroma) aan de belzijde van het hoofd van mensen die tien jaar of langer geleden met mobiel bellen zijn begonnen.

Kritische beschouwing van de conclusie

Het Kennisplatform constateert dat door de keuzes die in de onderliggende onderzoeken bij het samenstellen van de patiënt- en controlegroepen zijn gemaakt, een betekenisvolle interpretatie van de meta-analyse niet mogelijk is. Het betreft vooral de keuzes bij de indeling naar belzijde.

Het Kennisplatform ziet in het onderzoek geen aanwijzing dat bepaalde hersentumoren vaker voorkomen aan de belzijde van het hoofd.

 

Verantwoording
Kennisberichten beschrijven het standpunt van het Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Gezondheid over een specifieke (wetenschappelijke) publicatie of een onderwerp. Kennisberichten zijn het resultaat van overleg tussen deskundigen uit de organisaties die deelnemen aan het Kennisplatform. Alle deelnemende organisaties staan achter de inhoud van de kennisberichten.

Kennisberichten komen tot stand via bespreking in het wetenschapsforum en communicatieforum van het Kennisplatform. Fora leden vertegenwoordigen de aan het kennisplatform deelnemende organisaties. De leden van de fora staan vermeld op de website van het Kennisplatform (www.kennisplatform.nl).

 


Download PDF