Reactie op de publicatie van G. Oberfeld getiteld „Umweltepidemiologische Untersuchung der Krebsinzidenz in den Gemeinden Hausmannstätten & Vasoldsberg, Amt der Steiermärkischen Landesregierung“ van januari 2008.

Het onderzoek

De aanleiding voor het onderzoek van Oberfeld is het vermoeden dat in de Oostenrijkse gemeenten Hausmannstätten en Vasoldsberg vaker kanker voorkomt; Dit wordt ook wel een kankercluster (zie kader) genoemd.

Oberfeld heeft onderzocht hoe vaak kanker voorkomt bij mensen die in de buurt van een zendmast hebben gewoond [1]. De zendmast die centraal staat in het onderzoek zou volgens Oberfeld tussen 1984 en 1997 gebruikt zijn voor een (inmiddels verouderd) mobiele telefoonsysteem (het NMT450 systeem).

Het onderzochte gebied is begrensd tot een straal van 1200 m rond de voormalige zendmast. Eind 2005 heeft Oberfeld aan de huidige en voormalige bewoners van dat gebied gevraagd of bij hen kanker is vastgesteld. Dat heeft hij gedaan via het toezenden van een vragenlijst. Volgens Oberfeld blijkt uit de teruggezonden gegevens dat kanker vaker voorkomt bij mensen die in de onderzochte buurt hebben gewoond.

Oordeel van het Kennisplatform

Het Kennisplatform oordeelt dat op basis van het onderzoek niet kan worden vastgesteld of kanker vaker voorkomt bij mensen die in de onderzochte buurt hebben gewoond. Oberfeld vergelijkt zijn resultaten niet met gegevens in vergelijkbare gebieden of in andere jaren. Hierdoor kan niet worden beoordeeld of kanker daadwerkelijk vaker is gevonden dan verwacht kan worden.

Maatschappelijke context

Het onderzoek wordt aangehaald als aanwijzing dat er een relatie is tussen mobiele telefonie en kanker. De vereniging van mobiele telefonie bedrijven in Oostenrijk (FMK) gaf op 25 februari 2008 een persconferentie[2]. De FMK verklaarde dat er nooit een zendmast met een NMT450 antenne in Hausmannstätten heeft gestaan. De operators in Oostenrijk eisen een herroeping van het rapport. Het geschil is voorgelegd aan de Rechtbank Salzburg. Er is nog geen uitspraak.

Achtergrond

Dat Oberfeld een toename van het aantal gevallen van kanker dichter bij de zendmast waarneemt, kan een gevolg zijn van de manier waarop het onderzoek is uitgevoerd. Belangrijk daarbij is dat de mensen met kanker zijn opgespoord door het rondzenden van vragenlijsten. Er is geen gebruik gemaakt van gegevens uit een kankerregistratie. Deze aanpak kan de uitkomst vertekenen. Mensen met kanker die in de buurt van de zendmast woonden, kunnen meer bereid zijn om deel te nemen aan het onderzoek. Ook het zich bewust zijn van de aanwezigheid van de antenne kan daarop van invloed zijn. Dit kan tot gevolg hebben dat mensen die kanker hebben en dichter bij de antenne woonden meer geneigd waren om aan het onderzoek deel te nemen dan mensen die geen kanker hadden of verder weg woonden. Uit de terugontvangen reacties kan dan onterecht het beeld ontstaan dat er sprake is van een verhoging van het voorkomen van kanker.

In Nederland wordt bij onderzoek naar kankerclusters de GGD-richtlijn ‘Kankerclusters’ gehanteerd (zie kader). Het Kennisplatform constateert dat onderzoeksopzet van Oberfelt op een aantal belangrijke punten afwijkt van de in Nederland voorgestane werkwijze.

 

Onderzoek naar kankerclusters in Nederland

De GGD hanteert een richtlijn voor kankerclusters [3]. Daarin wordt een “milieugerelateerd kankercluster” beschreven als “een opvallend groot aantal kankergevallen in een omschreven gebied, periode en/of populatie, die door de melder(s) aan milieuverontreinigingen worden toegeschreven”. In de richtlijn worden drie fases beschreven om nauwkeurig te onderzoeken of het vermoeden van een cluster bevestigd wordt: oriëntatie, kwalitatieve verificatie en als daartoe dan aanleiding is, een kwantitatieve analyse. Daarbij worden twee sporen gevolgd: een milieuspoor en een ziektespoor. Uiteindelijk draait het om de vraag of het aannemelijk is dat er een relatie is tussen beide sporen. In het milieuspoor wordt bijvoorbeeld onderzocht of er een milieubron is en of mensen door die bron overmatig blootgesteld kunnen zijn. In het ziektespoor wordt bijvoorbeeld onderzocht om welke ziekte en hoeveel ziektegevallen het precies gaat en of dat aantal afwijkt van normaal op basis van vergelijkingsgegevens uit andere jaren of gebieden.

 

Het voormalige C-Netz in Oostenrijk is vergelijkbaar met het voormalige autotelefoonnetwerk ATF-2 in Nederland. Beide netwerken gebruikten NMT450 technologie. Hierbij konden mobiele telefoons voor het eerst overschakelen tussen twee antennes zonder verlies van de verbinding. Dit netwerk is in Nederland actief geweest van 1985 tot 1999 en bestond uit ruim 70 antennes verspreid over Nederland en gemonteerd op hoogten tussen 25 en 110 m. Per antenne kon een gebied van ruim 50 km doorsnede bediend worden. Het netwerk is qua opzet te vergelijken met het huidige UMTS en GSM netwerk, met als verschil dat er toen veel minder mensen telefoneerden.

 

Referenties

1.     Oberfeld G. Umweltepidemiologische Untersuchung der Krebsinzidenz in den Gemeinden Hausmannstätten & Vasoldsberg, Amt der Steiermärkischen Landesregierung, Fachabteilung für das Gesundheitswesen (Landessanitätsdirektion), Graz, Österreich, Jänner 2008.

2.     Verslag van persconferentie (25 februari 2008): “Skandal um falsche Krebsuntersuchung zu Mobilfunk. Mobilfunk-Diskussion muss versachlicht werden.” Website geraadpleegd in maart 2008

3.     GGD-richtlijn Kankerclusters (2001). Website geraadpleegd in maart 2008

 

 

Verantwoording

In deze reactie beschrijft het Kennisplatform Elektromagnetische Velden en Gezondheid een (wetenschappelijke) publicatie. Dit is het resultaat van overleg tussen deskundigen uit de organisaties die deelnemen aan het Kennisplatform. Het overleg vindt plaats in het wetenschapsforum en het communicatieforum. Foraleden vertegenwoordigen de aan het Kennisplatform deelnemende organisaties. De vertegenwoordigers van de organisaties staan vermeld op de website van het Kennisplatform (www.kennisplatform.nl).

Alle deelnemende organisaties staan achter de inhoud van het bericht.